Twaalf jaar nadat ik A rebours van Huysmans (1848 - 1907) had vertaald, werd in het Stedelijk museum van Schiedam een expositie over de schrijver ingericht. Huysmans heeft een beroemde hagiografie over de Schiedamse heilige Lidwina geschreven. Kort na de opening heeft de wethouder van Cultuur, de heer L. Hafkamp, op 20 januari 1988 de tentoonstelling onverwachts gesloten. Dit op verzoek van de woordvoerder van PSP/PPR. Huysmans zou een intolerant, katholiek fanaticus zijn, die ook niet veel met Joden op had. Wethouder Hafkamp heeft de directie van het museum verboden hierover een verklaring af te geven.
De reactie is natuurlijk sterk overdreven. Het is waar dat Huysmans niet veel op had met de Parijse geldadel, gesymboliseerd door de Jood Rothschild en het was bon ton in de Parijse literaire wereld rond 1880 om zich anti-Joods op te stellen. Huysmans heeft ook andere bevolkingsgroepen, zoals de katholieken, op de korrel genomen. Johan Polak die zijn hele familie zag uitgemoord, verklaarde op tv dat als je Huysmans verbood je de hele wereldliteratuur wel kon verbieden, van Flaubert tot Dostojewski. 'Ik ben er trots op dat ik Siebelinks vertaling in de grote belletrie-serie heb mogen uitgeven. Huysmans is een van de groten in de Franse literatuur van de 19de eeuw. Daar kan een wethouder in Schiedam niets aan veranderen.'
|